Schmallenberg

    Epidemiologie     Overdracht     Incubatie     Waar komt het voor?
    Kliniek     Diagnose     Preventie     Vraag en antwoord
    Publicaties SBV

In Nederland werd in de periodeaugustus/september 2011 op ruim tachtig rundveebedrijven diarree, koorts en melkgiftedaling gemeld bij de Gezondheidsdienst voor Dieren (GD). De dieren herstelden weer en de oorzaak bleef onduidelijk. In dezelfde periode werd op circa twintig Duitse rundveebedrijven melkproduktiedaling en koorts gezien. Het Duitse Friedrich Löffler Instituut (FLI) heeft op18 november 2011 in bloedmonsters van deze zieke runderen een nieuw virus aangetoond dat op dit moment het "Schmallenbergvirus" wordt genoemd.

Direct na het aantonen van dit virus is de gebruikte diagnostische test meteen door het FLI overgedragen aan het Centraal Veterinair Instituut (CVI) om ook in Nederland monsters van diarree-bedrijven te testen. Het CVI heeft vijftig bloedmonsters van acht diarree-bedrijven getest en op 8 december 2011 bleken achttien van de vijftig bloedmonsters positief en werd geconcludeerd dat de diarree geassocieerd was met het "Schmallenbergvirus" (SBV). Alle controlemonsters waren negatief. De virusdeeltjes komen met geen enkel bestaand virus geheel overeen. Verder onderzoek (sequentie-analyses FLI) aan deze virusdeeltjes gaven overeenkomsten met virussen van de familie Bunyaviridae genus Orthobunyavirus te zien.

Kenmerken
Het Schmallenbergvirus is een gemanteld virus met een enkelstrengs RNA. Het virus behoort tot de Bunyaviridae familie, een van de Orthobunyavirussen. Het virus behoort tot de familie der Bunyaviridae genus Orthobunyavirussen. Het Schmallenbergvirus is verwant aan de Simbu serogroepvirussen, met name aan de virussen Shamonda, Akabane, en Aino. Tot dusver wijzen de sequentie-gegevens op een grote verwantschap met het Shamondavirus. De indeling moet nog worden bevestigd door meer sequentiedata en onderzoek, bijvoorbeeld wat betreft de serologische verwantschap aan andere Simbu sero-groepvirussen.

Hoewel de exacte rol van het Schmallenbergvirus nog verder onderzocht moet worden, lijken zowel de eerste inoculatie-experimenten als de diagnostische gegevens van de misvormd geboren lammeren en kalveren op een causaal verband tussen de aanwezigheid van het virus en gerapporteerde klinische verschijnselen.

Weerstand tegen fysieke omstandigheden en chemische stoffen
Uit extrapolatie van de California serogroep van Orthobunyavirussen: Temperatuur: Infectiviteit stopt (of vermindert significant) onder blootstelling aan 50–60°C gedurende minimaal 30 minuten.
Chemicaliën/desinfectiemiddelen: Gevoelig voor gebruikelijke desinfectiemiddelen (1 % sodium hypochloriet, 2% glutaraldehyde, 70 % ethanol, formaldehyde).
Overleving: Overleeft niet lang buiten de host of vector.

  
Print deze pagina