Resultaten BSE surveillance

BSE is een meldingsplichtige ziekte sinds 29 juli 1990 in Nederland: dierenartsen en veehouders zijn verplicht om dieren met verschijnselen van BSE te melden aan de Voedsel- en Waren Autoriteit (VWA). Deze meldingsplicht is de pijler van het zogenaamde passieve surveillance systeem.Daarnaast kunnen dieren met verschijnselen worden gevonden bij de keuring voor het slachten op slachthuizen door medewerkers van de VWA.

Deze dieren worden vervolgens naar het NRL (nationaal referentie laboratorium, Central Veterinary Institute) vervoerd, waar een definitieve diagnose wordt gesteld.
De volgende tabel geeft een overzicht van het aantal ingestuurde runderen per jaar met een "klinische verdenking" en het aantal BSE-positief bevonden dieren.

 Jaar

 Aantal dieren met een
klinische verdenking
 

 Aantal positief

 1991

 0

 1992

0

 0

 1993

2

 0

 1994

0

 0

 1995

1

 0

 1996

22

 0

 1997

35

 2

 1998

25

 2

 1999

32

 2

 2000

40

 2

2001

97

6

 2002

39

 2

2003

25

2

2004

19

0

2005

7

0

2006

12

1

2007

8

0

2008

9

0

2009

4

0

2010

2

0

2011 4 0

Totaal

384

19

Tabel 1. Aantal ingezonden runderen met een klinische verdenking van BSE en het aantal positief bevonden dieren per jaar.

Sinds het eind van 2000 is het actieve surveillance systeem toegevoegd aan het bovenstaande passieve bewakingssysteem.
Volgens EU regelgeving werden tot 1 januari 2009 de volgende groepen runderen getest met "snelle BSE testen":
  • alle gezonde slachtrunderen vanaf een leeftijd van 30 maanden
  • alle kadavers (op het bedrijf gestorven en ter destructie of sectie  aangeboden runderen) vanaf een leeftijd van 24 maanden
  • alle in nood geslachte dieren en dieren met afwijkingen, zieke dieren (casualty slaughter) vanaf een leeftijd van 24 maanden

Gezien de gunstige BSE situatie in vele Europese lidstaten is vanaf 1 januari 2009 het actieve bewakingssysteem aangepast. Vanaf deze datum worden in de oorspronkelijke 15 Europese lidstaten alleen nog dieren ouder dan 48 maanden getest (België, Denemarken, Duitsland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Ierland, Italië, Luxemburg, Nederland, Oostenrijk, Portugal, Spanje, Verenigd Koninkrijk en Zweden), tenzij het dier is geïmporteerd vanuit andere landen dan deze 15. Vanaf half 2009 en 2010 zijn Slovenië en Cyprus aan de 15 landen toegevoegd.

Binnenkort mogen 20 Europese Lidstaten (waaronder Nederland) opnieuw hun actieve bewakingssysteem aanpassen: verwacht wordt dat vanaf 1 juli 2011 gezonde slachtrunderen alleen nog maar zullen worden getest vanaf een leeftijd van 72 maanden. Vanaf 1 januari 2013 zal wellicht nog slechts een mininmum steekproef van gezonde slachtrunderen worden getest.

De volgende tabel geeft een overzicht van het aantal geteste en positief bevonden (en daarna bevestigde) runderen per jaar in de verschillende categorieën.

 

 Gezonde Slachtrunderen   

 

 Noodslachtingen   

 

    Kadavers       

 
 Jaar

 Aantal getest

 Pos  

 Aantal getest

 Pos     Aantal getest  Pos  
 2000

                                0

 0

 289

 0

 416

 1

 2001

 454.649

 9

 13.281

 2

 31.056

 2

 2002

 491.069

 10

 17.710

 4

 46.611

 8

 2003

 439.403

 11

 15.418

 1

 50.525

 5

 2004

 467.448

 5

 15.705

 0

 50.425

 1

 2005

 451.507

 1

 17.936

 2

 47.715

 0

 2006

 427.042

 1

 10.738

 0

 48.426

 0

 2007

 399.181

 0

 5.220

 1

 60.907

 1

2008

406.324

0

4.976

0

68.400

1

2009

357.557

0

3.227

0

46.032

0

2010

324.144

1

2.789

0

48.384

2

2011

261.601

0

3.327

0

43.284

0

Totaal

4.479.925

38

110.616

10

542.181

21

Tabel 2. Aantal geteste runderen per jaar in het kader van de actieve surveillance in Nederland.  

  
Print deze pagina