Log in
Zoek
Links
Deze Site
Wageningen UR site
Uitgebreid zoeken
Onderzoek
Diensten
Nieuws & Agenda
Publicaties
Over Central Veterinary Institute
Werken bij
Contact
Onderzoeksthema's
Onderzoekspeerpunten
Dierziekten
Projecten
Faciliteiten
Onderzoek
Dierfaciliteiten
Frequently asked questions
Inzenden onderzoeksmateriaal
Regeling erkenning en aanwijzing veterinaire laboratoria
Nieuws
Persvoorlichting
Nieuwsbrieven
Agenda
Dossiers
Archief
RSS
Wetenschappelijke publicaties
Rapporten
Bibliotheek
Central Veterinary Institute
Missie en visie
Organisatie
Referentielaboratorium
Crisisorganisatie
Contractonderzoek
Kerncompetenties
Partners
Faciliteiten
Geschiedenis
Vacatures
Contactpersonen en experts
Vragen en reacties
wageningen ur (home)
>
central veterinary institute (home)
>
onderzoek
>
dierziekten
>
bse
>
testen
Testen
Onderzoeksthema's
Onderzoekspeerpunten
Dierziekten
Afrikaanse paardenpest
Afrikaanse varkenspest
Besmettelijke equine metritis (CEM)
Bluetongue (blauwtong)
Botulisme
BRSV of Pinkengriep
BSE
Wat is BSE?
BSE in Nederland
Nederlandse BSE gevallen
Resultaten BSE surveillance
BSE internationaal
Bestrijding van BSE
Testen
Literatuur
Links BSE
Publicaties/publications
Contagieuze bovine pleuropneumonie (CBPP)
Emerging Vector Borne Diseases
Equine infectieuze anemie (EIA)
Equine Viral Arteritis (EVA)
Equine virale rhinopneumonitis / Equine herpes virus
Klassieke varkenspest
Lumpy skin disease
Mond-en-klauwzeer (MKZ)
Newcastle disease (pseudovogelpest)
Pest bij kleine herkauwers
Porcine reproductive and respiratory syndrome
Psittacose of papegaaienziekte
Q-koorts (Q-fever)
Rabiës
Runderpest of Rinderpest
Schapen-en-geitenpokken
Schmallenberg
Scrapie
Streptococcus suis
Vogelpest of Aviaire influenza
West Nile virus
Ziekte van Aujeszky
Ziekte van Creutzfeldt-Jakob
Projecten
Faciliteiten
Verplichte BSE-test
Vanaf 1 januari 2001 moeten alle slachtrunderen ouder dan 30 maanden worden getest op BSE. Deze grootschalige screening wordt uitgevoerd onder verantwoordelijkheid van de VWA (Voedsel en Waren Autoriteit). De monsters (circa 1800 per dag) worden onderzocht in private laboratoria in Nederland. Het onderzoeken van deze grote aantallen runderen is mogelijk met behulp van een snelle BSE-test. Het testen van dieren jonger dan 30 maanden is niet zinvol, omdat door de lange incubatietijd de ziekte dan nog niet is aan te tonen (ook niet met een BSE-test). In dieren jonger dan 30 maanden heeft nog geen aantoonbare vermenigvuldiging van BSE-prionen plaatsgevonden. Direct na de slacht wordt de hersenstam verwijderd. Dit materiaal wordt voor onderzoek naar één van de hiervoor erkende laboratoria gestuurd. Het rund wordt in afwachting van de uitslag apart gehouden. De snelle test is binnen één dag klaar. Als de uitslag positief is, is er sprake van een officiële verdenking van BSE. Het bedrijf waarvan het dier afkomstig is, wordt in afwachting van een bevestigingstest geblokkeerd, zodat er geen runderen naar het slachthuis kunnen. Het onderzochte hersenmateriaal wordt door het referentielaboratorium van het Central Veterinary Institute (CVI) opnieuw onderzocht, nu met een uitvoerige test die ruim een week duurt. Is ook dan de uitslag positief, dan is er sprake van een BSE-geval.
Waarop wordt getest?
Oorzaak van de ziekte BSE is een verkeerd gevouwen eiwit waarvan de normale vorm wordt aangetroffen in de omhulling van de cellen van centraal zenuwweefsel, zoals hersenen en ruggenmerg. Door onbekende oorzaak kan de natuurlijke, lossere structuur van het normale eiwit omklappen in een dichter gevouwen, compacte vorm. Dit 'fout' gevouwen eiwit kan nu als matrijs dienen voor verdere vervorming van 'gezonde' prioneiwit moleculen. De 'zieke' eiwitmoleculen zijn nauwelijks door hitte of enzymen kapot te krijgen en hebben bovendien sterke neiging om te klonteren. Zo wordt de structuur van hersencellen verstoord en microscopisch zijn er gaten te zien in het weefsel. Hersencellen sterven af door ophoping en klontering van 'foute' prioneiwitten. Tenslotte vallen hersenfuncties uit.
De snelle BSE-test
In Nederland gebruikt men voor het routine-onderzoek van slachtrunderen één van de drie door de Europese Commissie goedgekeurde snelle testen. Deze test werd door het Zwitserse bedrijf Prionics ontwikkeld en is al in ruime mate buiten Nederland en ook bij CVI op praktijkschaal beproefd. Het principe van de test is dat het voor BSE kenmerkende eiwit wordt aangetoond.
Voorafgaand aan de test wordt hersenmateriaal fijn verdeeld in een waterige oplossing. Dit mengsel wordt met eiwit-afbrekend enzym bewerkt waarbij in principe alle 'gezonde' prioneiwit verdwijnt. Daarna wordt een chemische stof (denaturans) toegevoegd dat klonters van 'foute' eiwitten, indien aanwezig, oplost en de losse moleculen ontvouwt. Van het mengsel wordt een klein gedeelte gescheiden door middel van electroforese waarbij nog overgebleven eiwitten worden gesorteerd op molecuulgewicht. Na een bepaald fixatieproces wordt immunologisch getest op de aanwezigheid van prioneiwit. Afwezigheid van een signaal duidt op BSE-negatief hersenmateriaal. Wanneer wél een kenmerkend signaal wordt waargenomen, betreft het BSE-verdacht materiaal.
Onderstaande foto toont een voorbeeld van een positieve uitslag van de snelle test (pijltjes met +) en een negatieve uitslag (pijltjes met -). Een positief geval wordt gekenmerkt door 3 eiwitbandjes. Dit zijn 3 vormen van het fout gevouwen prioneiwit. Het normale prioneiwit wordt tijdens de testprocedure afgebroken, waardoor bij een negatieve testuitslag geen eiwitbandjes zichtbaar zijn.
Print deze pagina
Disclaimer
Algemene Voorwaarden
Contact
Alle content © 2011 Wageningen UR. Alle rechten voorbehouden.